Huis

Over de bouwdatum van het huis is niets met zekerheid te zeggen. Het eerste kleine huis dateert vermoedelijk van omstreeks 1650, gebouwd door Daniel van Liebergen. Diens zoon Nicolaas die van 1657-1695 de hofstede bezat, maakte er vermoedelijk een buitenplaats van. Constantia Catharina Balde en echtgenoot Jacob Jan Vermeeren, koopman, hebben tussen 1720 en 1747 het huis uitgebreid met portiershuis en koetshuis aan weerszijden en de vierhoekige uitbouw aan de achterzijde. Vanaf 1779 tot 1799 heeft Jan Gildemeester vermoedelijk het huis verfraaid met een daklijst, een poort (1783) en zijn wapenschild.

Geometrische tuin

Aanleg gracht en bruggen, boomsingel en haag, aanleg formele tuin in Régencestijl tussen 1720 en 1747 met o.a. fruitbomen, piedestallen, andere ornamenten, ´t Vergulde Beeld, broeiramen e.d (1757), bos achter het huis. Geen betrouwbare plattegrond van de oorspronkelijke aanleg is bekend. Alleen een aanzicht, bekend van een gravure uit 1725. Ingang via dam/brug aan stadszijde. Fontein, gebeeldhouwd in 1714, is in 1770 aan de voorzijde langs gracht toegevoegd.

Vroege landschapstuin (vanaf 1779)

  • Vroege landschapstuin (vanaf 1779)
  • In 1783 wordt de poort vervangen dooVanaf 1802 uitbreiding van Frankendael met aangrenzende hofsteden IJsland, Schoonzigt, Waterland en pleziertuin ‘t Lam. Ontwerpen worden aaneenge-smeed, waarbij padenverloop en waterpartijen worden gewijzigd.
  • Kaart van 1810 toont aanleg van een landschapstuin achter het huiskavel met paden en slingerbeek in vroege landschapsstijl die doet denken aan de voorbeelden voor tuinaanleg van Van Laar: hoogteverschillen, verschillende soorten beplantingen, bouwland. Hoge Zwitserse brug.
  • Tussen 1810 en 1821 aanleg slingerbeek: aanleg eiland met hermitage en vijver. Plan verbeeldt vermoedelijk een beek die vanuit heuvelland naar laagland stroomt.
  • Tussen 1821 en 1849 tuinhuis gezet op hoekpunt van de tuin langs de Midden- weg.
  • Van 1835 tot 1867 periode waarin Frankendael een publieke uitspanning is (theetuin, speeltuin). De bestaande tuinsieraden, beelden, koepel, de hermitage, koepel met gebrandschilderde ramen (´t Klooster), hertenkamp, de kettingbrug over de giersloot vormen de vermaakselementen. Hieraan worden schommels, wippen, terrassen e.d. toegevoegd. De Régencetuin wordt met een brug in de as van de tuin verbonden met de landschapstuin. Plaatsing muziektent en grote vaas.
  • In 1867 vestiging van tuinbouwschool Linnaeus in het park. Kaart van Springer uit 1886 laat veranderingen zien. Bebouwing in het park. Noordwestelijke delen worden ingericht als kwekerij. De waterpartij wordt in delen opgeknipt. Verandering hermitage op eiland in pluimveeverblijf, waarbij uitholling eiland tot eendenvijver. Aanleg Witte Laantje, heraanleg lindenlaan met eindpleintje.
  • Stadskwekerij sinds 1882. Openbaar wandelpark. Vanaf 1894 huis bewoond door successievelijke directeuren Dienst Beplantingen en stadsarchitect Merkelbach met nazaten.
  • 1998 Stadskwekerij opgeheven, start aanleg park Frankendael naar ontwerp van Sant en Co 1998.r een nieuwe poort ontworpen door Jacob Otten Husly. Gelijktijdig is vermoedelijk Jan Gildemeester jr begonnen met de aanleg van de vroege landschapstuin.